De penaltyheld en de fatale premie

Door Jurriaan van Wessem

Woensdag 7 mei 1986 is een historische dag voor het Europese voetbal. Op die avond won het Roemeense Steaua Boekarest de Europa Cup voor landskampioenen na een in alle opzichten dramatische finale tegen Barcelona. De wedstrijd, die werd gespeeld in het hete Sevilla, stelde niet zoveel voor. Er werd niet eens gescoord. Maar de strafschoppenserie maakte het duel onvergetelijk. Van de acht pogingen werden er maar twee benut. Doelman Helmut Duckadam hield alle Catalaanse schoten tegen. Twee Roemenen scoorden wel.

Nadat hij de vierde strafschop had gestopt, liep hij spontaan naar de beker met de grote oren. Het was voor het eerst dat een club van achter het ijzeren gordijn de belangrijkste trofee in het Europese voetbal won. Het was een ontknoping waar niemand rekening mee had gehouden, want iedereen ging er vanuit dat Barcelona eindelijk eens de mooie prijs zou winnen.

Tot het voorjaar van 1986 was Steaua weliswaar een regelmatige maar ook anonieme deelnemer aan de Europese toernooien. Het was de club van het leger, terwijl Dynamo de club was van de binnenlandse veiligheidsdienst Securitate. Die laatste club kreeg aanvankelijk de voorkeur van de regering, maar omdat (stief)zoon Valentin Ceaucescu voor Steaua was, wisselde de macht in de eigen competitie.

Deze man wordt zelfs een kwart eeuw na deze victorie nog geëerd als de grondlegger van dit succesteam. ‘Hij enthousiasmeerde de mensen binnen de club en motiveerde de spelers tot uitzonderlijke prestaties. Zonder Valentin hadden we de Europa Cup nooit gewonnen,’ aldus de toenmalige spelmaker Laszlo Bölöni, tegenwoordig trainer in Frankrijk.

Aan de victorie kleeft een bizar verhaal. De held van avond was doelman Helmut Duckadam. Hij werd in Roemenië vorstelijk ontvangen en speciaal geridderd door de legertop. Maar hij werd ook in Madrid vereerd. Hij had er immers voor gezorgd dat Barcelona de Europa Cup weer niet had gewonnen. Een fan van Real Madrid was zo in zijn nopjes dat hij de Roemeense doelman spontaan een gloednieuwe Mercedes 190 E schonk. Dit was natuurlijk ongehoord, want de elf voetballers van Steaua verdienden samen minder dan Bernd Schuster, de toenmalige sterspeler van Barcelona.

Toen de doelman de auto wilde inklaren werd hij teruggefloten door Nicu Ceaucescu.

Deze zoon van de dictator hield van het goede leven en eiste de dure auto. ‘Je hoort niet in zo’n auto te rijden. Die past meer bij iemand zoals ik. Ik geef je wel een Renault in ruil,’ zou de playboy de doelman hebben toegeschreeuwd.

Duckadam weigerde de bolide af te staan want hij meende er zelf recht op te hebben. Hij werd in een loods bij de douane door een knokploeg in elkaar geslagen. Een paar vingers werden bruut gebroken en een schouder raakte uit de kom. In de Roemeense media werd melding gemaakt van een ongelukkige botsing op de training, maar de doelman zou nooit meer een wedstrijd spelen voor Steaua. Twee jaar bleef de held buiten beeld, omdat hij moest herstellen.

Valentin was bevriend met hem en zorgde voor een redelijke compensatie in ruil dat hij zou zwijgen over dit incident. Na de val van de dictatuur kreeg Duckadam als een volksheld een functie binnen de voetbalbond en werd hij nog eens officieel gehuldigd met een benefiet. Sinds oktober is Duckadam de ultieme voorzitter van Steaua als vorm van gerechtigheid.

This entry was posted in 25 jaar geleden and tagged , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>